Afgelopen zomer, tijdens de lange droge periode, zaten wij buiten in de tuin. Pim had al vaker een vreemd geluid gehoord uit de tuin van de buren. Anouschka hoorde het nu ook. Omdat we niet zeker wisten wat het geluid was en wilden weten of er misschien een dier in nood was, klommen we over de superstevige schutting naar de tuin van de buren. Daar zagen we een verrassing: een klein egeltje! Het egeltje, dat we '1' noemden, maakte gekke geluidjes, als van een baby met bronchitis.
We zochten gelijk op wat de behoeften zijn van egels en of dit geluid normaal was. Kennelijk zijn snuiven, blazen en knorren volkomen normaal egelgedrag. Wel maakten we ons een beetje zorgen. Egels hebben vanzelfsprekend water en eten nodig, maar door de droogte was er geen water in de buurt en waren de insecten die egels normaal eten nergens te vinden. Omdat op de website van de Egelbescherming stond dat bijvoeren met kattenvoer mag, klom Pim gelijk over de schutting naar onze tuin om water en voer van onze kat Saartje te pakken.
1 schrok toen we dichterbij kwamen en veranderde in een bolletje, maar rolde na vijf minuutjes uit en begon toen heerlijk te schansen! We wisten niet dat er zo veel eten in zo'n klein beestje paste! Toen 1 lekker aan het smikkelen was, hoorden we nog meer geluid vanuit een andere richting. Het was nog een egeltje! We noemden hem '2'. 2 zag er minder goed uit. Hij bewoog amper en klonk alsof hij benauwd was. We besloten hem eten en drinken te geven en uit te zoeken wanneer het nodig was om de Egelbescherming in te schakelen. Omdat 2 wel netjes rechtdoor kon lopen en helder uit zijn oogjes keek, besloten we het nog even aan te kijken om te zien of het de volgende dag beter met hem zou gaan. We vulden het eten aan en klommen weer terug over de schutting.
Al dat klimmen was natuurlijk avontuurlijk en het was geweldig om de tevreden egels een paar avonden na elkaar in de tuin van de buren te zien. 2 klonk ook steeds beter. Stiekem leek het ons wel leuk om de egels in onze eigen tuin te hebben. Daarnaast poepen egels op de plek waar ze eten en wilden we de buren niet opzadelen met alle egelpoep. Pim groef dus een bestaand onderdoorgangetje uit, zodat het een diameter van 13 cm had. Anouschka maakte een mooi spoor van kattenvoer (inmiddels zelfs voer voor kittens, want dat is beter voor de egels) door het tunneltje naar onze tuin. En zowaar! De egeltjes vonden de weg naar onze tuin!
Vanaf dat moment gaf Anouschka de egels elke avond eten. Op de meeste avonden hoorden we rond 21.00 uur de egels aankomen, aangezien ze best luid zijn. We keken dan met de zaklampjes op onze telefoons naar de heerlijk smakkende egels. Soms waren ze met z'n tweetjes, soms was er eentje en altijd was het leuk om te kijken. De egels raakten gewend aan onze stemmen en bleven rustig zitten als we ze extra voer gaven of tegen ze praatten. Op een avond besloten we de egels niet te voeren om ze te stimuleren zelf eten te zoeken in onze tuin, nu de droogte voorbij was. Dat leidde tot een onmogelijk te weigeren blik van '1', die ons aankeek alsof hij zei: 'Waarom hebben jullie mijn bordje niet bijgevuld?' Het kattenvoer kwam toch tevoorschijn en 1 smikkelde heerlijk van zijn eten!
Een kleine week later heeft een leerlinge van Anouschka de egels een passende naam gegeven: vanaf nu heet 1 Knabbel en heet 2 Babbel. Knabbel is het egeltje dat het goed vindt als je naar hem kijkt terwijl hij aan het eten is; Babbel is verlegen en tegelijkertijd luidruchtig.